( °Lede, 30 juli 1877 – *Wetteren, 05 maart 1935 )

Situering

 

De aanzet

 

 

 

 

 

 

Voor meer Analyse | bronnen

 

 

Verhoor van Gabrielle LEBBE – Watou (echtgenote Lievens)

“Ik was gehuwd met LIEVENS Oscar, François, Joseph geboren te Lede op 01.08.1877 voor ongeveer 2,5 jaar. Ik had met hem kennis gemaakt, toevallig, tijdens een reis per spoorweg tussen Gent en Watou. Mijn man woonde toen reeds te Wetteren-Jabeke, op een villa, die zijn eigendom was terwijl ik feitelijk ben blijven wonen te Watou doch mijn inschrijving genomen heb te Wetteren; mijn echtgenoot, gescheiden zijnde van zijn eerste vrouw, zo konden wij niet voor de Kerkelijke overheden trouwen en daarom wilde ik niet trouwen te Watou, waar ik te goed gekend ben. Ik ben dus altijd te Watou blijven wonen waar ik als kleermaakster mijn broodwinning heb.

In den beginne kwam mijn man wekelijks eens over naar Watou of ging ik hem vervoegen te Wetteren; in de laatste tijden kwam hij niet veel meer naar hier en ging ik hem bezoeken, ongeveer alle drie weken. Mijn man had eerst het inzicht gehad een garage uit te baten, doch hij heeft het feitelijk nooit gedaan. Ik wilde hem overhalen om bij mij te Watou komen te wonen, doch hij verkoos te Wetteren te blijven omdat hij er een werkhuis had en zich met allerlei knutselwerk bezhield. Hij zei altijd dat “zijn alaam zijn leven was” Hij werkte dus niet om iets te verdienen maar uit tijdsverdrijf.

Hij was oorlogsinvalide en genoot uit dien hoofde van een driemaandelijks pensioen van 700 frank. Hij bezat ook nog wel enig geld van hetgeen hij had ontvangen als oorlogsschade.

Mijn man was zeer wantrouwend; hij leefde eenzaam en had mijn wetens geen betrekkingen. Het kan gebeuren dat hij dat hij Goedertier Arséne kende vermits beiden afkomstig waren van (Wetteren) lees van Lede en vermits zijn eerste vrouw, geboren DE Swaef Julia, thans wonende te Wakefield (Engeland) in zekere mate verwant scheen te zijn met Goedertier. Doch ik ben zeker dat mijn man met Goedertier geen betrekkingen had; hij zou er mij van gesproken hebben want hij vertelde me alles. Slechts na den dood van Goedertier heeft mijn man me eens gezegd dat hij vernomen had dat er een deficiet was in de zaken van Goedertier, er bij voegende “Ge ziet het nu, van die mannen die altijd in de kerk zitten.”

Zelf deed mijn man zijn zaken met een ander wisselagent, een zeker “Nolleke”, wonende te Wetteren, Statiestraat, geloof ik. Persoonlijk kende ik Goedertier Arséne niet.

Met Nieuwjaar laatstleden ben ik een drietal maanden bij mijn echtgenoot gebleven. Ik heb er nooit Goedertier gezien.

Mijn man had voor ons huwelijk zijn woonplaats genomen te Nijvel, alleenlijk om de formaliteiten van zijn echtscheiding te vergemakkelijken daar men hem gezegd had dat zulks te Nijvel rapper zou gaan dan te Dendermonde.

Na zijn overlijden heb ik al de meubels die zich te Wetteren bevonden verkocht aan verscheidene lieden behalve een slaapkamer die ik naar hier overgebracht heb. Mijn man bezat een oude schrijfmachine welke ik verkocht heb aan Jules Vermeire, gepensioneerde, wonende te Schellebelle. De boeken die in huis waren heb ik weggegeven en de meeste papieren heb ik verbrand. Ik heb in de villa niets verdachts ontdekt.

Mijn man had destijds nog gewerkt voor rekening van de firma Lips (handel in veiligheidssloten) Hij kon een auto voeren; vroeger was hij mecanicien bij ’t leger.

Mijn man droeg vroeger een baardje; nadien niet meer doch ik de loop van verleden jaar had hij weer een baardje laten groeien. Hij droeg, ofwel een bolhoed ofwel een grijzen kaphoed. Hij was groot van gestalte, hij kon fransch spreken.

Een zijner broeders, Clement, woont te Brussel, Chausse d’ Anvers nr 12 geloof ik en is reiziger in veloartikels. Een ander is zeepzieder te Lede doch deze leefde in onmin met mijn man.

Lievens ging soms naar Brussel en ook wel eens naar Antwerpen, altijd langs Schellebelle om ’t een of ’t ander gereedschap te kopen. Hij raadpleegde te Antwerpen ook zijn advocaten die hij sinds vroeger kende. Mijn man ging heel zelden naar Wetteren.

Volgens mijn overtuiging was mijn man niet in staat zich te laten betrekken in een zaak als deze waarmee gij U bezighoudt; hij was wel brutaal doch loyaal en rechtzinnig.”

Feit …

Tot op heden bestaat er geen enkele (concrete) aanwijzing dat Lievens betrokken zou zijn bij de diefstal of/en de afpersing.

Onderbouwig : Analyse | Items | Lievens
Meer personen :  Analyse | wie is wie